Ajax – for the future –

Sander samen met Sjaak Swart

Ik realiseer me dat veel avonturen nu over “loslaten” gaan. Zo ook deze. Maar dit keer was het anders, echt anders. De vorige keren ging het over het gaan loslaten, de weg er naar toe. Nog redelijk veilig. Gisteren hebben we hem echt losgelaten. En dan heb ik het niet over Mister Ajax Sjaak Swart. We hebben Sander na 22 jaar voor het eerst alleen gelaten. Alleen met een paar teamgenoten, zonder begeleiding. Doodeng..

Het sportcomplex “De Toekomst” van Ajax bestaat 25 jaar. Twee dagen feest! Die ochtend 11:00 speelden we met de G4 en G5 een demonstratie wedstrijd tijdens deze festiviteiten. Het werd een leuke wedstrijd, die eindigde in een mooie 2-2. Veel lof over het goede en sportieve spel gekregen. We kregen een uitnodiging voor de barbecue. Die begon om 17:00. In de kleedkamer na de wedstrijd vroeg ik wie er wilden gaan. Een paar staken hun vinger op. Sander ook..

Dat betekende dat we nog 5 uur op het complex moesten blijven of heen en weer moesten rijden tussen Amsterdam en Almere en we hadden andere plannen. Ik zei tegen Sander dat we nog even gingen overleggen. In de kantine vertelde ik het Monique en Sander keek ons veelbetekenend aan. Aan zijn hele gezicht, lijf en houding voelde ik dat hij “ja” zou zeggen als ik zou vragen of hij wilde blijven als wij weg zouden gaan. Monique voelde het ook en we keken elkaar wat radeloos aan. Na wat blikken van verstandhouding wisten we dat we die vraag gingen stellen. Ik zag de twijfel in haar ogen en zij zag die van mij. Ik vroeg het Sander en hij zei direct “Ja”. Toen was er geen weg meer terug.

We spraken af dat we hem om half zes zouden halen en we gaven hem de powerbank voor als zijn telefoon leeg zou raken. Hij zou bellen als hij eerder gehaald wilde worden.  We lieten hem alleen, voor het eerst van zijn leven, zonder begeleiding.

Actiefoto van een voetbalwedstrijd op De Toekomst

We gingen weg, maar besloten toch niet naar huis te rijden. We lieten de auto staan en liepen naar de Johan Cruijff Boulevard om daar wat te winkelen en te drinken. Naar Almere rijden voelde toch wat te ver bij hem vandaan. Op de Johan Cruijff Boulevard besloten we de metro naar Ikea te pakken. Onderweg realiseerden we ons dat het nu net zo lang zou duren om bij hem terug te komen als wanneer we naar Almere zouden zijn gereden. Bij Ikea wat gegeten en gewinkeld. Omdat we toch in de stemming van “loslaten” waren meteen wat inspiratie opgedaan voor zijn toekomstige appartement in ‘t Homerushuis.

De tijd ging zo best snel en om half zes liepen we De Toekomst weer binnen. Zou hij gegeten hebben? Gedronken? Leuk gehad? Zou hij er nog wel zijn..? Die vragen spookten door mijn hoofd toen hij al aan kwam lopen en op alle vragen kwam een “Ja”. De opluchting was groot. Hij was ook naar de ingang gelopen omdat we om half zes hadden afgesproken. 

Ik ben trots op ons drieën dat we dit gedurfd hebben. Sander is trots op zichzelf dat hij zonder begeleiding was. We kijken nu samen met nog meer vertrouwen naar de toekomst, als hij met begeleiding op zichzelf gaat wonen.

Met de bus weg

De bus vertrekt

Vandaag werd Sander opgehaald om naar zijn werk te gaan. Hij werkt bij Weet Hoe Je Leeft, een dagbesteding waar hij het enorm naar zijn zin heeft. Tot nu toe brachten wij hem altijd. Dat is geen probleem, we hebben de tijd en de ritjes van en naar zijn werk zijn best gezellig. Maar straks kan dat niet meer.

Sander gaat in ‘t Homerushuis wonen. Dat duurt nog even. Het huis moet nog gebouwd worden. We denken dat het begin 2024 zover is. In ‘t Homerushuis gaat hij met begeleiding zo zelfstandig mogelijk wonen, samen met nog 35 huidige en toekomstige vrienden en vriendinnen. Er gaat dus heel veel veranderen. 

Samen met begeleiders van Philadelphia kijken we wat er allemaal voor hem verandert. We kijken ook wat we nu al kunnen doen, zodat de stap straks zo klein mogelijk wordt. Philadelphia begeleidt ons daarbij. ‘Overbruggingszorg’ noemen ze dat. Vandaar het busvervoer, want straks kunnen we hem niet meer brengen en gaat hij met de bus.

Eigenlijk ook raar dat we hier niet al eerder voor kozen, want wil een jonge vent van 22 nog wel door zijn ouders naar zijn werk gebracht worden? Sander blijkbaar liever niet, want vanmorgen zat hij eerder klaar dan normaal en zonder dat wij hem hoefden op te jagen met douchen, aankleden, lunch maken, eten, tandenpoetsen enz. Toen de bus kwam begroette hij entousiast chauffeur en begeleider Ramon en stapte hij vrolijk de bus in bij zijn collega’s. Gelukkig stak hij nog wel even zijn hand op toen de bus weg reed.

Afbeelding van het Homerushuis
Zo komt zijn nieuwe thuis eruit te zien

We hebben al eerder wat verandert als voorbereiding op zijn grote stap uit huis. We brengen hem niet meer naar bed, geen kus meer op zijn kop voor het slapen gaan, zelf beslissen hoe laat hij gaat slapen, zelf ontbijt en lunch maken. Dit is inmiddels gewoon geworden en gaat prima. Straks gaat hij vier dagen werken in plaats van vijf, om in een weekritme te komen zoals we verwachten in ‘t Homerushuis. Dat wordt geen extra vrije dag, maar zelf zijn kamer schoonmaken en ons helpen met het huis.

Het lijkt er sterk op dat het voor Sander allemaal minder wennen is dan voor mij. Al die veranderingen gaan vrolijk en zonder morren, terwijl mij steeds meer het gevoel bekruipt dat ik steeds iets meer moet gaan missen. Ik zal hem gaan missen, maar hij is er echt aan toe.

We hebben al weer lang dezelfde schoenmaat en we delen één sokkenmand. Dat kan ook al niet zo blijven.. 

Ik realiseer me nu dat die overbruggingszorg niet voor Sander bedoeld is, maar voor mij.

En toen werden we kampioen

Teamfoto van kampioen Ajax | Only Friends G4

Vandaag werden we kampioen met Ajax | Only Friends G4 in de KNVB G-competitie. Dit is een competitie voor voetballers met een beperking. Door een 0-0 gelijkspel, in een bloedstollende wedstrijd tegen de nummer twee, zijn we niet meer in te halen. Ons eerste kampioenschap bij de senioren is binnen! De wereld was even te klein voor de mannen, wat een feest! Een hoogtepunt voor een team dat al best lang bij elkaar is.

De meeste jongens – nu mannen – spelen al sinds de jeugd met elkaar. Toen ze 17 en 18 werden ging het hele team door naar de senioren competitie. Ik kan me de eerste wedstrijd nog goed herinneren. “Ton, ze zien er allemaal net zo uit als jij; oud en kaal” (en bedankt 😊). Onder de indruk van die “oude” mannen kwamen ze niet meer aan voetballen toe. De jongens hadden nog geen idee dat ze veel sneller waren en werden omver gelopen door fysiek sterkere kerels.

Wedstrijden werden een paar jaar lang vaak met grote cijfers verloren. Best moeilijk om dan de motivatie vast te houden. Het is een hecht team, maar net als bij iedereen lopen de emoties dan wel eens op. Woede, wanhoop en ruzie is ook voor deze jongens niet vreemd, maar door hun beperking is het gedrag soms extra moeilijk te begrijpen. Dat heeft dan aandacht van de coaches nodig, maar meestal lossen ze het ook zelf wel weer op met elkaar. 

Ze trainen 2 keer in de week en worden merkaar beter en sterker. Ze worden zelf ook wat ouder en het ontzag voor de tegenstander neemt af. Langzaam maar zeker ging het steeds beter. Een eerste succes kwam in Wenen. We wonnen daar namens Ajax een groot internationaal toernooi. We speelden tegen grote namen zoals Rapid Wien, Southampton, Torino en Hannover 96. Tegen Hannover scoorde Sander zijn eerste senioren-doelpunt. Dat zal ik ook nooit vergeten. Wat ging die jongen uit zijn plaat. We werden daar “Europees Kampioen”. Op dat succes dronk Sander zijn eerste niet-alcoholvrije biertje. Het bleef nog lang onrustig die avond in het hotel.

Ik ging naar Wenen voor het eerst mee als assistent-coach en niet als voetbal-vader. We gingen met meerdere teams en er waren meer coaches nodig dan normaal om alles en iedereen goed door de luchthavens en naar het hotel te krijgen. Ik kwam toen terecht in een goed op elkaar ingespeeld team van ervaren coaches. Ze hadden onderling aan een blik of een half woord genoeg om de kudde bij elkaar en rustig te houden. Al snel werd ik een onderdeel van dit team bevlogen vrijwilligers.

Een paar jaar later ging ik samen met een andere voetbal-vader het team van Sander coachen. Het gebrek aan voetbalervaring maakten we goed door een goede verstandhouding met de mannen en we hadden lang genoeg de kunst afgekeken bij de ervaren trainers. Dit is mijn tweede jaar als coach en nu zijn we kampioen. Het was een lange reis met die mannen om hier te komen. Ik ben trots op ze! Na het fluitsignaal sprongen ze wildenthousiast in mijn armen. Dus ik denk dat het gevoel wederzijds is 🙂

Wil je ook zo’n mooie reis beginnen? Wordt dan ook coach bij Sportclub Ajax | Only Friends! De club groeit en we kunnen er alweer een team bij maken. Kom je ons helpen? Je mag me bellen: 06-25207205. Only Friends biedt 25 verschillende sporten. Dus als je liever coach wilt worden bij een andere sport, dan zien we je ook graag!

Een paar dagen voor de wedstrijd kwam onze linksvoor Ivo de spelers van Ajax 1 tegen op zijn werk. Dat leidde tot dit filmpje met Davy Klaassen en aanvoerder Dusan Tadic. Het heeft geholpen. Gaaf toch?

Een klein geluksmoment

Nordin en Sander brengen uitnodigingen rond

Over anderhalf jaar gaat Sander in het Homeruskwartier in Almere Poort wonen. Samen met zijn vrienden Nordin, Marc en Daan en nog 32 anderen. Ze krijgen daar in ’t Homerushuis begeleiding van Philadelphia. Het gebouw is ontworpen en nu moet de buurt geïnformeerd gaan worden. Dat gaat op 11 april gebeuren. Nordin en Sander zijn vanmorgen de uitnodigingen rond gaan brengen. Het waren er 265! 

Dit werd de eerste kennismaking met de buurt en dat maakte best wel indruk op me. Niet alleen omdat het weer even heel dichtbij komt dat hij echt het huis uit gaat. Ook omdat het een hele leuke kennismaking werd. Natuurlijk gaat het grootste deel van de uitnodigingen direct de brievenbus in zonder dat je iemand ziet. Maar het was mooi weer en meerdere bewoners zaten in hun tuin. Die gelegenheid lieten we niet voorbij gaan en de jongens gaven daar de kaarten persoonlijk af. Best stoer van ze en het leverde iedere keer weer een glimlach en een hartelijke groet op. 

Een enkele keer werd het zelfs een praatje. Een paar bewoners zaten voor hun deur en daar raakten we even in gesprek. Toen we iets over ‘t Homerushuis vertelden bood een bewoner al direct aan om vrijwilliger te worden! Ze vertelden ook dat de jongens in een gezellig en hecht wijkje terecht zouden komen met allemaal leuke mensen. Ik zag opnieuw voor me dat hij een nieuw thuis krijgt en gewoon buurman wordt in een leuke wijk, maar dit keer zag ik de gezichten erbij! En dat deed me wat.

Dit verhaaltje heet “het kleine geluk”. Ik doe op dit moment een cursus “Community Building”, samen met medewerkers van Philadelphia en woningbouwcorporaties. Community building is een werkwijze waarmee je er ondermeer voor kunt zorgen dat wijken beter leefbaar en inclusief worden en waar mensen met een beperking gewoon mee kunnen doen. Ik ben er vrij zeker van dat ik daar zal leren dat je daarvoor gewoon de wijk in moet. Net als de jongens vanmorgen hebben gedaan. 

De eerste huiswerkopdracht was om samen met je buddy te praten over “het kleine geluk in de community”. Ik weet niet wat daar precies mee bedoeld wordt. Ik zat blijkbaar even niet op te letten. Wat ik wel weet is dat het gesprekje met de nieuwe buren van Sander mijn geluksmomentje was. Nu alleen dit verhaaltje nog even laten lezen aan buddy Samantha en dan heb ik wat mij betreft mijn huiswerk weer gedaan.

Onder zeil

Foto van twee artsen bij een operatie

Sander is nu 21 jaar en een grote, sterke en sportieve gozer. Toch had hij gisteren een reparatie nodig. Dat betekende een operatie onder algehele narcose. Een relatief kleine ingreep, maar door zijn verstandelijke handicap best spannend. Spannend of hij alles zou blijven begrijpen wat er met hem ging gebeuren en of hij daar rustig bij kon blijven. Eerlijk gezegd vond ik het ook wel spannend of ik zelf rustig kon blijven. Ik weet nog dat ik zowat onderuit ging toen ze hem een hielprik gaven toen hij een baby was. Ik had met de chirurg afgesproken dat ik bij hem kon blijven tot hij onder zeil was in de operatiekamer. Als dat maar goed gaat.

Half zeven ‘s ochtends stonden we al samen in de hal van het Flevoziekenhuis en een kwartier later werden we naar de dagopname gebracht. Op een éénpersoonskamer werd alles wat ons te wachten stond met ons doorgenomen. Hierna werd Sander gecontroleerd op temperatuur, hartslag, bloeddruk en nog wat ander zaken. Hij liet het allemaal rustig toe, maar ik zag dat hij gespannen was. Na het beantwoorden van een vragenlijst was het wachten tot we naar de operatiekamer gebracht konden worden. Tijdens het wachten waren we bezig met bouwen van een nieuw team voor FIFA 21 in de FIFA-app op mij iPhone. Dat gaf wat afleiding.

Half acht was het al zover, we werden naar de voorbereidingsruimte van de OK gereden. Sander in bed in zijn operatieshirt en ik er achteraan. Daar werd weer alles opgemeten en weer dezelfde vragenlijst. De meeste vragen kon Sander inmiddels zelf beantwoorden. Een spannend moment was het aanprikken van het infuus in zijn hand. Uit ervaring wist ik dat dat geen pretje kon zijn. Uit voorzorg hadden ze bij de dagopname al een verdovende pleister op zijn hand geplakt. Toevallig kon hij precies op het moment van aanprikken de Team of the Season versie van Harry Kane kopen in de FIFA-app. Dat was voldoende afleiding. Het infuus zat erin voor hij er erg in had. Hierna kreeg ik een steriele overall aan en een haarnetje op mijn kale kop. Ja, ja, protocol is protocol. Toen de klapdeuren door de operatiekamer op.

In die vrij kleine ruimte liepen best veel maanmannetjes en -vrouwtjes gecoördineerd door elkaar, begeleid door piepende en zoemende apparaten. Best intimiderend, maar Sander bleef rustig. Weer werd alles opnieuw gemeten en opnieuw dezelfde vragen voor een driedubbele controle. Sander beantwoorde alles weer rustig. Hij leek alles met de nodige gelatenheid en nieuwsgierigheid te ondergaan. Gelukkig werd mijn hartslag niet gemeten.

Toen kwam het moment dat we afscheid gingen nemen. Tijdens het toedienen van de narcose vroeg ik nog of alles goed was. Door het zuurstofkapje kon hij niet antwoorden, maar half onder het laken ging zijn duim omhoog en weer naar beneden toen hij in slaap viel.

Ik werd naar een wachtruimte gebracht. Daar zou ik ook weer opgehaald worden. Toen ik alleen was ging ik even stuk, maar na een telefoontje met Monique ging het wel weer. Het verder bouwen aan het FIFA-team gaf weer de nodige afleiding. Dit keer voor mij.

Foto van ons nieuwe team in FIFA 21

Na ongeveer een uurtje werd ik geroepen. Ik zag dat het de chirurg zelf was, maar voor ik kon schrikken zag ik zijn duim omhoog. Alles wat goed gegaan en hij vertelde wat we vanaf nu moesten doen voor een volledig herstel. Even later werd ik opgehaald door de verpleging. Ik zag Sander weer in de uitslaapkamer. Hij kwam net uit de narcose en was verward. Hij wist even niet waar hij was, maar toen hij zich dat realiseerde wist hij te vertellen dat hij geopereerd was en niets had gemerkt. Gek genoeg werd hij toen even paniekerig, maar dat ging snel over met het afnemen van de narcose. Na een koudwaterijsje kwam hij weer helemaal bij en konden we terug naar de afdeling.

Terug op zijn kamer was het wachten op het volledig wegwerken van de narcose en een aantal controles van de operatiewond. Dat was na twee uurtjes ook in orde. In die tussentijd hebben we het nieuwe FIFA team helemaal afgemaakt, klaar voor de eerste wedstrijden. Rond elf uur gingen we weer op weg naar huis. Monique had een lekker lunch geregeld en om twee uur zat hij alweer achter de PS4 zijn nieuwe team uit te proberen.

Het was een relatief kleine ingreep, maar door zijn verstandelijke beperking vond ik het allemaal best spannend. Het ziekenhuispersoneel ging hier fantastisch mee om. Eigenlijke alsof het de normaalste zaak van de wereld is. En dat is het natuurlijk ook. Achteraf gezien zat de spanning vooral bij mij. Dus ook in dit verhaal ben ik weer degene met de beperking.

Op weg naar zijn Droomplek!

Een Guusje tekening over een jongen die uit huis gaat.

Gisteren kreeg Sander een kaartje van Stichting Philadelphia Zorg: “Wat ontzettend leuk dat je bij ons wilt komen wonen in Almere Poort!” Hij kreeg daarmee zijn toegangsbewijs voor een mooie toekomst. Een plek waar hij straks kan wonen en gelukkig kan blijven, ook als wij er niet meer zijn. Zijn kaartje zat bij een lekker cadeautje van Philadelphia. Heel veel meer dan alleen een leuke verassing!

Daarmee eindigt een lange zoektocht. Vier jaar van kastjes naar muren, verstrikt in onbegrijpelijke wetten en en regels. Veel hulp gekregen, maar nooit op beslissende momenten. Hoe moeilijk moet het zijn om voor je zoon met een verstandelijke handicap een woning te vinden? Waar kun je hem veilig loslaten in de wetenschap dat hij gelukkig blijft? Het was om wanhopig van te worden.

Eind vorig jaar gloorde er licht aan de horizon. Toen maakten we kennis met Philadelphia. Tegelijkertijd maakte de Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland haar visie voor 2030 bekend. Het filmpje hieronder legt deze visie op een leuke manier uit. Philadelphia vroeg naar onze droom voor Sander. Dat is het verhaal ‘Een Droomplek voor Sander’ geworden, geïnspireerd door de visies van Philadelphia en de VGN en de lokatie Homeruskwartier in Almere Poort. Midden in deze wijk gaat Philadelphia samen met De Alliantie nieuwe zorgwoningen bouwen.

We hadden met Philadelphia een hele reeks van intensieve, leuke en leerzame gesprekken. Deze waren bedoeld om de verwachtingen over en weer goed af te stemmen. We leerden Philadelphia kennen als een vooruitstrevende zorgorganisatie met allemaal leuke, enthousiaste en gedreven mensen.

Gisteren kwam de uitkomst: Philadelphia wil samen met ons de droomplek voor Sander waarmaken. Ze delen die droom. Niet alleen voor Sander, ook voor Daan, Nordin en Marc, drie van zijn beste vrienden. Alle vier de vrienden kregen dit kaartje! Ze gaan veel steun hebben aan elkaar als zij samen een nieuw bestaan gaan opbouwen. Philadelphia gaat de jongens en ons de komende twee jaar helpen om deze grote stap soepel te zetten. Dat geeft veel vertrouwen!

Het realiseren van de droom zal nog lastig worden, want dat gaat betekenen dat we een visie voor 2030 al in 2023 waar willen maken. Dat wordt geen geplaveide weg, maar samen met Philadelphia gaan we ervoor. Op avontuur, op weg naar de droomplek voor Sander en zijn vrienden. De zorglokatie van de toekomst.

Ik ben heel blij en opgelucht en tegelijkertijd schiet ik vol bij het idee dat hij echt bij ons weg zal gaan. Ik ga hem verschrikkelijk missen. Waarschijnlijk net als iedere ouder die achterblijft met een leeg nest. Maar dat is gelukkig pas over twee jaar..

De kaartjes en het bellers van Philadelphia voor Daan, Nordin, Marc en Sander

De illustratie bij dit verhaal is een “Guusje”. Guusjes zijn een uitgave van Werkgroep ViP-Almere en vragen op een leuke manier aandacht voor hindernissen die mensen met een beperking in het dagelijks leven ondervinden. De Guusjes zijn getekend door Geoffrey Cramm. Je vindt ze allemaal op zijn website. Enige gelijkenis met bestaande personen berust op louter toeval 😉

De Analfa- en de Digibeet

Het toetsenbord van een iPad

Het is zondag vandaag. We konden uitslapen vanmorgen. Toen ik wakker werd kwam Monique net met koffie terug naar bed. Lekker ontspannen wakker worden zo. Nog wat slaapsuf pakte ik mijn iPad en de koffie en scrollde gedachteloos door de tijdlijnen op social media. 

Op Facebook stond een bericht van Sander van 5 minuten geleden. Hij was blijkbaar al wakker. Hij plaatst de laatste tijd weer video’s waarop hij rapt of FIFA21 speelt, maar iets klopte er niet. Er staan een paar regels tekst in het bericht, maar Sander kan niet lezen en schrijven. Hij is verstandelijk gehandicapt. Hij herkent soms een woord en soms typt hij een woord na, maar dan nooit zonder spelfouten. De tekst in het bericht had geen spelfouten en bestond uit hele zinnen!

Ik liet het aan Monique zien en die snapte er ook niets van. Was ik wel wakker? Heeft Sander leren schrijven zonder dat we dit wisten, of kon hij het altijd al? Is het een mirakel op zondag, of is er iemand in huis bij Sander? Ik ging verward naar beneden. Sander zat te gamen. Hij was alleen. Dat was een opluchting. Ik vroeg of hij een video had geplaatst. Dat was zo. Ik vroeg of hij die zinnen erbij had geschreven. “Nee, dat heeft mijn iPhone gedaan”. “Maar hoe doe je dat dan?”. “Met het microfoontje”. Ik snapte er nog steeds niets van en vroeg of hij het me even wilde laten zien.

We gingen samen op de bank zitten. Hij opende Facebook op zijn iPad om een bericht te plaatsen. Hierna drukte hij op het microfoontje op het toetsenbord naast de spatiebalk en sprak een tekst in. De spraak werd omgezet in geschreven tekst terwijl hij tegen zijn iPad sprak. “Zo dus, heel makkelijk” zei hij, of het de gewoonste zaak van de wereld was. Ik dacht dat ik best handig was met nieuwe techniek, maar dit had ik nog niet eerder gezien. Het microfoontje op het toetsenbord was me ook nog niet eerder opgevallen.

Hij gebruikt zijn iPhone en iPad nu dus om te schrijven en heeft dit zelf uitgevogeld. Ik ben een website aan het maken waar digitoegankelijkheid heel belangrijk is en ik weet dat een iPad kan voorlezen. Als ik hem dat kan leren, dan kan hij dus “lezen en schrijven” met zijn iPad en iPhone. Vanmiddag gingen we er samen even voor zitten. Hij had direct door hoe hij het voorlezen kon starten en stoppen. 

Om het uit te proberen gebruikten we mijn verhalen over onze avonturen. Hij wist dat ik verhalen over hem schreef. Dat had hij gehoord van anderen. Zelf had ik het hem niet eerder verteld. Dit was dus de eerste keer dat we samen naar mijn verhalen over hem zaten te luisteren. Dat was heel bijzonder en ook best een beetje spannend. Vooral bij ‘Een droomplek voor Sander‘ was het leuk hoe hij reageerde op de fantasie dat hij later misschien bij een meisje zou blijven slapen, maar nog leuker was dat hij Prime Icon Ronaldo zou winnen met FIFA23 op de PS6!

We luisterden ook naar ‘Het shirt van Opa’. Dat vond ik heel spannend. Dat is een verhaal over een hele moeilijke periode in zijn leven. Hij luisterde aandachtig, maar vertelde dat hij het zich niet kon herinneren. We hebben afgesproken dat hij in het vervolg eerst naar een nieuw verhaal luistert en dat we dan samen beslissen of we het op de website plaatsen. Dit verhaal vond hij dus leuk en mocht ik plaatsen.

Sander is analfabeet, maar vandaag was ik de digibeet. Ik hoor het commentaar op dit verhaal al: “en jij werkt in de IT!?” 😁

De wet Storm en Dwang

Twee volgels on een onstuimige avondlucht

Samen met de ouders van drie vrienden van Sander zijn we in gesprek met een grote zorginstelling. Die instelling wil een nieuwe zorglocatie bouwen in Almere. Over 2 jaar zou die klaar moeten zijn. We praten over de mogelijkheid dat Sander en zijn vrienden daar gaan wonen. We hebben inmiddels een aantal intensieve sessies achter de rug, om de verwachtingen over en weer afstemmen. We praten over onze dromen en angsten voor de tijd dat we niet meer zelf voor ze kunnen zorgen en over onderwerpen zoals zorgfinanciering, communitybuilding en zorgwetten zoals de wet Zorg en Dwang.

De wet Zorg en Dwang regelt dat Sander zelf beslissingen moeten kunnen nemen en daar dan ook zelf de gevolgen voor moet dragen, mits die geen direct gevaar voor hemzelf of zijn omgeving opleveren. Dat is best lastig, want Sander is verstandelijk gehandicapt. De praktijk leert dat jongens en meiden die in een zorginstelling gaan wonen daardoor meer vrijheden krijgen dan thuis. Dat levert dan soms gedoe op tussen begeleiders en ouders.

We zijn aan het denken gezet over hoeveel we nu thuis voor Sander beslissen en wat eigenlijk niet volgens die wet is. Bedtijd bijvoorbeeld. Hij moest altijd 10 uur naar bed. We stopten hem dan ook nog in met een kus op zijn voorhoofd. Best raar eigenlijk voor een gozer van 21. Dat doen we nu dus niet meer en dat was voor ons alle drie even wennen. Hij gaat nu alleen naar bed en beslist zelf hoe laat. Dat gaat goed. Meestal gaat hij gelijk met ons, maar soms gaat hij eerder.

Vandaag was er weer zo’n momentje. Samen met zijn vriend Marc gaan we iedere zaterdag hardlopen. Het waait vandaag heel hard met buien en windstoten. Kunnen we in dit weer wel gaan hardlopen? Ik worstelde wat met die beslissing tot ik me realiseerde dat ze die beslissing zelf moeten nemen. We zouden weer bij Marc heen en weer langs het kanaal lopen. De wind heeft daar vrij spel dus dat voorspelde geen pretje.

Sander en Marc stretchen voor hardlopen langs het kanaal.

Aangekomen bij Marc gingen we voor overleg aan de eetkamertafel zitten. Patty, de moeder van Marc, voelde iets aankomen en verdween naar de woonkamer. Ik vertelde de jongens dat ze zelf moeten beslissen of we gaan hardlopen of niet en dat ze dit samen moeten overleggen. Ik liet op buienradar zien dat het nog net in ons uurtje droog bleef, maar dat het hard bleef waaien, maar niet zo hard dat er takken van de bomen zouden breken. Buienradar heeft niet altijd gelijk en als we toch een bui krijgen, dan gaat de regen pijn doen aan ons gezicht. Het hardlopen gaat heel zwaar worden tegen de wind in.

Ik gaf Marc het woord. “We gaan gewoon” zei hij resoluut. “Ja, we gaan hardlopen” zei Sander. Mijn stille hoop dat ze “nee” zouden zeggen werd hiermee de grond in geboord, dus we gingen. Het eerste stuk langs het kanaal hadden we de wind pal in de rug. De jongens vlogen lachend met gespreide armen bij me weg. De afspraak is om na 7 minuten even te stoppen. Ik fluit ze dan letterlijk terug. Ik vertelde dat ze het beter wat rustiger aan konden doen, want tegen de wind in terug wordt zwaar. En weer vlogen ze er lachend vandoor, armen gespreid.

Er kwam toch een bui, maar gelukkig met wind mee. Na de volgende 7 minuten mochten ze alleen naar huis terug rennen. Dat ging dus pal tegen de wind in. Ze liepen bij me weg, maar ik kon zien dat ze het zwaar hadden, heel zwaar. Het hardlopen viel mij zelf ook heel zwaar. Bij windvlagen kwam ik vrijwel niet vooruit. Ik heb ze één keer even zien wandelen om uit te rusten, maar toen gingen ze weer en verdwenen ze uit beeld. Bikkels!

Bij Marc thuis nog even nagepraat over hardlopen met wind mee en wind tegen. Ze zagen er gelukkig net zo uitgewoond uit als ik me voelde. De gevolgen van hun beslissing om te gaan hardlopen hebben ze dus zelf ook goed gevoeld. Precies zoals de wet Storm en Dwang dat voorschrijft.

Voetbalfeest in een Fieldlab

We zitten met z’n allen alweer een jaar opgesloten in Coronamaatregelen. Een jaar geleden zijn we voor het laatst samen naar een voetbalwedstrijd geweest. Daar kwam zondag verandering in. Sander en ik zaten samen met 1349 andere supporters in een bubbel op de tribune bij de absolute topper in de Keukenkampioen Divisie: Almere City tegen SC Cambuur.

Sander werkt 2 dagen per week bij Almere City in het onderhoud van gebouwen en terreinen. De week voor de wedstrijd kreeg hij, net als alle andere medewerkers, de mogelijkheid om kaarten voor de wedstrijd te krijgen. De wedstrijd werd gebruikt als zogenaamd Fieldlab. Dit is een experiment voor het weer toelaten van bezoekers bij grote evenementen.

Aan zo’n Fieldlab zit wel wat extra geregel vast. Twee dagen voor de wedstrijd moesten we op Corona getest worden, zodat je geen Corona mee het stadion in neemt. Je moet je ook registreren in een speciale app waaruit je alle instructies krijg voor wat je wel en niet mag in het stadion. In het stadion zaten drie zogenaamde bubbels met ieder hun eigen instructies voor bv. wel of niet juichen, wel of niet afstand houden en wel of geen mondkapjes. En volgende week moet weer die wattenstaaf van een meter je neus en keel in.

Bij aankomst was het even zoeken naar parkeren voor onze groene bubbel en de groene looproute. Kaarten en de uitslag van de Coronatest laten zien en temperatuur opmeten en met een geotag om onze nek konden we het stadion is. Met die geotag kunnen de bewegingen van de bezoekers gevolgd worden.

Maar genoeg over al het geregel. Dat hadden we er graag voor over. Het was weer prachtig gevoel toen de spelers het veld opkwamen, begeleidt door vuurwerk en juichende supporters; kippenvel. Naast de wedstrijd heb ik vooral genoten van alle “hoi Sanders”, duimpjes omhoog, boxen en praatjes als Sander weer een collega tegen kwam die aan het werk was of ook op de tribune zat. Ik had me nooit gerealiseerd dat hij hier zo ‘thuis’ is. De wedstrijd werd helaas verloren, maar het voetbalfeest kende alleen maar winnaars.

En oh ja, Sander is verstandelijke gehandicapt. Maar doet er niet toe. Het was weer ouderwets gaaf om samen op de tribune te zitten.

En dan hou je ze niet meer bij

Door Corona ligt het voetballen stil bij Sportclub Only Friends. Om in conditie te blijven gaan we één keer in de week hardlopen. Sander is 21 jaar en heeft een verstandelijke beperking. Hij kan niet alleen hardlopen, dus doen we dit samen.

Sinds kort loopt ook Marc mee. Marc is een goede vriend van Sander en hij heeft een vergelijkbare beperking. Marc zit op hockey bij de Almeerse Hockey Club en heeft net als Sander een prima conditie. Marc en Sander lopen harder dan ik. Dat heb ik opgelost door 4 setjes van 7 minuten hard te lopen met 3 minuten wandelen. Na 7 minuten fluit ik ze dan letterlijk terug en starten we met z’n drieën weer de volgende 7 minuten. Afgelopen zaterdag liepen we een nieuwe route bij Marc thuis. We liepen heen en weer langs het kanaal. Zoals altijd rennen zij al kletsend bij me weg en probeer ik de achterstand niet al te ver op te laten lopen.

Tijdens gesprekken met een zorginstelling, waar Marc en Sander misschien gaan wonen, is ‘loslaten’ een steeds terugkerend thema. En toen kwam het in me op: “zal ik die gasten de laatste 7 minuten vrij laten om zelfstandig terug naar huis te rennen?”. Die gedachte leverde een knoop in mijn maag op: “gaan zij de weg terug vinden?”, “worden ze niet ondersteboven gereden door een brommer op het fietspad of een auto in de woonwijk?”, “wat vindt Patty, de moeder van Marc, ervan als ik dat zonder overleg doe?”. De laatste 7 minuten braken aan en zonder dat ik er verder bij nadacht zei ik dat ze naar huis konden rennen en niet op mij hoefden te wachten.

En weg waren ze. Ze liepen nog veel harder dan normaal. Blijkbaar trekt de PS4 toch meer dan het hardlopen met die ouwe. Ik stuurde Patty een appje dat de jongens alleen op weg gingen en gelukkig kreeg ik geen verontwaardigde reactie terug. Ik zette ook een hoger tempo in en probeerde ze in beeld te houden, maar dat lukte niet. Ik zag al snel sterretjes en struikelde toen over mijn tong. Ik schrok. Ik zag ze echt niet meer. Ze waren weg. Ik wilde eigenlijk niet loslaten, maar alleen de teugels wat vieren. Daar dachten Marc en Sander blijkbaar heel anders over.

Toen mijn laatste 7 minuten erop zaten en ik aan het uitlopen was kreeg ik een appje van Patty: “Alles goed?”. Ik schrok me rot en appte terug “zijn de jongens thuis?”, “Ja, al een kwartier, waar blijf jij?”. Dat was een hele opluchting, maar hoezo “al een kwartier”. Toen bleek dat ik met het zwart voor mijn ogen de afslag van het kanaal naar de woonwijk voorbij was gerend en steeds verder weg liep. Blijkbaar hadden zij wel de weg terug gevonden en ik niet.

Toen ik bij Marc thuis aankwam waren de jongens al bijna onder de douche vandaan. “Waar bleef je nou kaaskop” vroegen ze lachend. Toen ik naar die twee lachende koppen van die twee grote kerels keek moest ik mezelf wel afvragen: “wie van ons heeft er hier nu eigenlijk een beperking?”.